Uitspraken

  • 20-07 CRvT

    20-07 CRvT    DE CENTRALE RAAD VAN TOEZICHT VAN DE NEDERLANDSE COÖPERATIEVE VERENIGING VAN MAKELAARS O.G. EN TAXATEURS IN ONROERENDE GOEDEREN NVM U.A.   Klacht tijdens hoger beroep ingetrokken. Berisping lichtste tuchtrechtelijke straf.   De makelaar is in hoger beroep gekomen van een uitspraak van de raad van toezicht waarbij hem de straf van berisping is opgelegd. Hij acht een waarschuwing meer op zijn plaats. Nadat hem is uitgelegd dat de waarschuwing als straf niet meer bestaat en dat de berisping nu de lichtste straf is, legt de makelaar zich daarbij neer. Na de zitting van het college delen partijen mee dat ook het nog lopende geschil over de courtage is opgelost. Het college stelt vast dat de makelaar zijn appèl introk.

    Lees meer
  • 20-06 CRvT

    20-06 CRvT   DE CENTRALE RAAD VAN TOEZICHT VAN DE NEDERLANDSE COÖPERATIEVE VERENIGING VAN MAKELAARS O.G. EN TAXATEURS IN ONROERENDE GOEDEREN NVM U.A.   Verplichte aanmelding van gelieerde onderneming als NVM-lid. (art. 8 Reglement Lidmaatschapszaken). Onduidelijkheid over aandeelhouderschap van gelieerde ondernemingen. Ten onrechte tweemaal boete opgelegd vanwege verwante gedragingen.   De NVM wijst een makelaarskantoor erop dat het een gelieerde makelaarsonderneming als lid moet aanmelden. Omdat dit niet gebeurt, legt de NVM het kantoor een boete op welke betaald wordt. Als het kantoor een nevenvestiging aanvraagt ontstaat opnieuw een oeverloze correspondentie, met name over de vraag of beide ondernemingen dezelfde aandeelhouder(s) hebben. Het kantoor geeft geen duidelijke antwoorden en lijkt om de zaak heen te draaien. Tenslotte is het geduld van de NVM op en legt zij het kantoor opnieuw een boete op die het kantoor bestrijdt. Nu de reden van die tweede boete verband hield met de eerdere kwestie is de Centrale Raad van oordeel dat de NVM daarmee rekening had moeten houden en zij heeft onvoldoende aangetoond dat zij dat deed. De NVM heeft niet in redelijkheid kunnen beslissen wederom een boete op te leggen.

    Lees meer
  • 20-05 CRvT

    20-05 CRvT   DE CENTRALE RAAD VAN TOEZICHT VAN DE NEDERLANDSE COÖPERATIEVE VERENIGING VAN MAKELAARS O.G. EN TAXATEURS IN ONROERENDE GOEDEREN NVM U.A.   Huuropzeggingsmogelijkheid in strijd met de wet. Onjuiste mededeling hierover door makelaar. Geen opleveringsrapport bij einde huur. Terugstorten waarborgsom.   Een makelaarskantoor treedt voor de eigenaar op bij het sluiten van een huurovereenkomst met klager m.b.t. een appartement. In die huurovereenkomst komen opzeggingsmogelijkheden voorhuurder en verhuurder voor. Als de huurder op zeker moment opzegt maar deze opzegging kort daarop weer intrekt, zegt de verhuurder de overeenkomst op. Tijdens het kort geding dat tussen huurder en verhuurder wordt gevoerd komen partijen een compromis overeen. Als huurder het appartement verlaat is namens het makelaarskantoor een makelaar aanwezig maar deze maakt geen opleveringsrapport op. Gevolg daarvan is dat, als de eigenaar van mening is dat het appartement niet netjes is achtergelaten, deze de waarborgsom inhoudt. Klager uit diverse klachten jegens beklaagde. De Centrale Raad acht de klachten deels gegrond. De makelaar had nimmer absoluut mogen stellen dat de verhuurder de huurovereenkomst mocht opzeggen nu de betreffende bepaling in strijd met de wet is. Dat de makelaar geen opleveringsrapport opstelde lag aan het feit dat deze slechts aanwezig was om de sleutels in ontvangst te nemen; het ware wel beter geweest als de makelaar dit duidelijk had verteld. Dat de eigenaar tegen het advies van de makelaar in weigert om de waarborgsom terug te storten kan beklaagde niet verweten worden.

    Lees meer
  • 20-04 RvT Zuid

    20-04 RvT Zuid   202 TAXATIE   Onjuiste taxatiewaarde. Afwijkende taxatiewaarde. Onafhankelijkheid. Onvoldoende inspanning om escalatie van geschil te voorkomen.   Klager heeft een woning van een woningcorporatie gekocht. Hierbij was afgesproken dat klager, indien hij de woning zou willen verkopen, deze eerst weer aan de woningcorporatie zou aanbieden. Klager heeft zich aan deze afspraak gehouden en beklaagde heeft vervolgens in opdracht van de woningcorporatie de woning getaxeerd. Klager verwijt beklaagde dat zij een onjuiste taxatie heeft verricht en de woning te laag heeft gewaardeerd. Klager wijst daarbij op taxaties van een drietal collega’s van beklaagde die zijn woning hoger hebben getaxeerd. De Raad overweegt dat het feit dat de andere taxateurs tot een hogere waarde zijn gekomen nog niet impliceert dat de door beklaagde getaxeerde waarde zonder meer onjuist zou zijn. Naar het oordeel van de Raad is in dit geval niet komen vast te staan dat beklaagde in redelijkheid niet tot haar taxatie heeft kunnen komen. Nu evenmin is komen vast te staan dat beklaagde de taxatie onvoldoende onafhankelijk heeft uitgevoerd en/of zich onvoldoende heeft ingespannen om escalatie van het geschil te voorkomen, wordt de klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard.  

    Lees meer
  • 20-02 CRvT

    20-02 CRvT   DE CENTRALE RAAD VAN TOEZICHT VAN DE NEDERLANDSE COÖPERATIEVE VERENIGING VAN MAKELAARS O.G. EN TAXATEURS IN ONROERENDE GOEDEREN NVM U.A.   Ongeoorloofde samenwerking met niet-NVM-lid (art. 12 Reglement Lidmaatschapszaken). Besluit tot oplegging boete vernietigd.   De NVM constateert dat op hetzelfde adres als waarop een NVM-onderneming is gevestigd een makelaardij zit die geen lid van de NVM is. Beide ondernemingen maken gebruik van hetzelfde telefoonnummer. Enig aandeelhouder van het NVM-lid is een NVM-makelaar, diens zoon die geen NVM-makelaar is, is eigenaar van de niet-NVM-onderneming. Beide bedrijven maken gebruik van een e-mailadres waarin de familienaam (die dus hetzelfde luidt) voorkomt. Als naar het inzicht van de NVM het NVM-lid er niet alles aan heeft gedaan om te voorkomen dat de schijn wordt gewekt dat structureel wordt samengewerkt met een niet-NVM-er, legt zij een boete op die laatstgenoemde bestrijdt. De Centrale Raad is van oordeel dat de NVM niet in redelijkheid tot oplegging van een boete heeft kunnen overgaan. De NVM verwijt slechts dat de schijn van ongeoorloofde samenwerking is gewekt en niet daadwerkelijke samenwerking. De kwestie van de verwarrende e-mailadressen is pas bij de boete-oplegging genoemd en dat eerder gemoeten zodat het kantoor de gelegenheid had gehad om dit te herstellen. Verder zijn beide ondernemingen in hetzelfde bedrijfsverzamelgebouw gehuisvest en dat feit is zonder nadere motivering door de NVM onvoldoende om een boete te rechtvaardigen.

    Lees meer
  • 20-01 RvT Zuid

    20-01 RvT Zuid 200 BELANGENBEHARTIGING OPDRACHTGEVER   Onheuse bejegening/ongepast optreden. Niet zelf beantwoorden van e-mail terwijl om persoonlijke reactie is verzocht.   Beklaagde heeft van één van zes erfgenamen opdracht ontvangen een woning te verkopen. De opdracht werd mede namens de overige erfgenamen, waaronder klaagster, verstrekt. De woning is vervolgens via beklaagde verkocht. Klaagster verwijt beklaagde dat hij, dan wel zijn medewerkster, zich bij de ondertekening op beklaagdes kantoor, onfatsoenlijk en onprofessioneel heeft gedragen. Daarnaast wordt beklaagde verweten dat hij niet zelf op klaagsters e-mail over het voorval heeft gereageerd terwijl zij wel expliciet om een reactie van beklaagde gevraagd had. De Raad kan niet vaststellen of er inderdaad sprake is geweest van “agressief en ordinair schelden” zoals door klaagster is gesteld. De Raad concludeert wel dat door beklaagde en/of zijn medewerkster kennelijk geïrriteerd uitlatingen zijn gedaan die door klaagster als “pittig” zijn ervaren. Van een zichzelf respecterend, zorgvuldig handelend makelaar en diens medewerker(s), mag steeds een professionele houding en reactie worden verwacht. Beklaagde heeft hier onvoldoende aan voldaan. Voorts staat vast dat beklaagde niet op de e-mail van klaagster over het voorval heeft gereageerd, hoewel klaagster daar wel expliciet om heeft gevraagd. Ook op dit punt is beklaagde toerekenbaar tekortgeschoten. Dat dit gebeurde omdat de erfgename die beklaagde de opdracht had verstrekt dit niet wilde, doet daar niet aan af. De klacht is  gegrond.

    Lees meer
  • 19-91 RvT Noord

    19-91 RvT Noord RAAD VAN TOEZICHT NOORD VAN DE NEDERLANDSE VERENIGING VAN MAKELAARS NVM Meetinstructie niet gevolgd. Niet-reageren op vragen en klachten.  

    Lees meer
  • 19-90 RvT Oost

    19-90 RvT Oost RAAD VAN TOEZICHT OOST VAN DE NEDERLANDSE VERENIGING VAN MAKELAARS NVM Gebreken aan het gekochte. Houtrot en asbest. Tekort schieten in communicatie door aankoopmakelaar.   Klaagster koopt via bemiddeling van een makelaar die ook haar woning verkocht, een ander huis. In de koopakte is o.a. een ouderdomsclausule opgenomen. Na de eigendomsoverdracht ontdekt klaagster diverse gebreken aan het huis, o.a. houtrot en meer asbest dan mocht worden verwacht. Klaagster zegt dat haar makelaar haar zei dat een bouwtechnische keuring niet nodig was hetgeen de makelaar ontkent. Hij stelt dat klaagster geen keuring wilde – zij moest snel beslissen. Waar de makelaar stelt dat het niet vaak voorkomt dat een cliënt het advies om een bouwtechnische keuring te laren verrichten, naast zich neerlegt, had het op de weg van de makelaar gelegen zijn advies vast te leggen en de cliënt duidelijk op de risico’s van geen keuring te wijzen. Hierin is de makelaar te kort geschoten.

    Lees meer
  • 19-87 RvT West

    19-87 RvT West   RAAD VAN TOEZICHT WEST VAN DE NEDERLANDSE VERENIGING VAN MAKELAARS NVM   Klacht over te laag bod van wederpartij. Beweerdelijk negatieve uitlatingen over klager.   Klager biedt zelf zijn woning te koop aan. Daarop doet beklaagde namens een gegadigde een bod dat klager veel te laag vindt. Klager vindt verder dat beklaagde zijn opdrachtgevers ten onrechte adviseert om geen hoger bod uit te brengen en dat hij zich negatief uitlaat over klager  en diens woning. Dit laatste blijkt volgens de raad nergens uit. Het college constateert dat beklaagde het belang van zijn opdrachtgever diende te behartigen en dat het hem in dat kader vrijstaat om te adviseren geen hoger bod te doen.  

    Lees meer
  • 19-84 RvT West

    19-84 RvT West   RAAD VAN TOEZICHT WEST VAN DE NEDERLANDSE VERENIGING VAN  MAKELAARS NVM   Meetinstructie. Meerdere metingen met iets andere uitkomsten. Beweerdelijk onder één hoedje spelen met makelaar-verkoper.   Beklaagde taxeert een woning die klagers hebben gekocht van een andere makelaar. Zij zijn van mening dat beklaagde een onjuist gebruiksoppervlak heeft genoemd en dat hij bij zijn taxatie mogelijk niet onpartijdig is nu de taxateur en makelaar-verkoper in dezelfde plaats gevestigd zijn. De raad kan niet vaststellen dat beklaagde de meetinstructie niet heeft gevolgd. Dat er andere taxaties zijn die tot een ander gebruiksoppervlak komen, doet daaraan niet af. Van niet onpartijdig taxeren is niets gebleken.

    Lees meer