Uitspraken

  • 11-2365 CRvT

    Onjuiste samenstelling raad van toezicht. Oud en nieuw Reglement Tuchtrechtspraak. Taxatie. Taxatieopdracht van rechtbank en klacht van derde. Taxatieverschillen van 30 en 60 % met andere taxaties. Geen informatie verstrekken over taxatie aan strijdende partijen. Optreden als partijdeskundige voor een der strijdende partijen terwijl opdracht van rechtbank nog niet was afgerond. De uitspraak van de Raad van toezicht is gedaan door drie rechtsprekers onder wie de secretaris. Dat is weliswaar in overeenstemming met de procedure zoals die is voorgeschreven met betrekking tot klachten van na 1 januari 2010, maar in strijd met het Reglement Tuchtrechtspraak 2009 dat gelet op het moment van indiening van de klacht van toepassing is. Om die reden wordt de beslissing van de raad van toezicht vernietigd. De Centrale Raad doet niettemin in hoogste ressort uitspraak.   Het feit dat de makelaar taxeerde in opdracht van de rechtbank in het kader van een echtscheidingsprocedure, wil niet zeggen dat een derde die bij die taxatie een zeker belang heeft, geen klacht kan indienen over de wijze waarop de makelaar die taxatie-opdracht heeft uitgevoerd. Daaraan doet niet af dat het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering procederende partijen de mogelijkheid biedt om bij de rechter bezwaren kenbaar te maken over de uitvoering van de opdracht. De makelaar heeft geen verklaring kunnen geven voor de aanmerkelijke verschillen van 30 % en 60 % tussen zijn taxatie en die van twee door klaagster ingeschakelde taxateurs. Hij heeft deze taxaties niet bestreden middels een in zijn opdracht uitgebrachte taxatie door een derde makelaar. Er is in casu geen sprake van unieke objecten op grond waarvan aanzienlijke waardeverschillen verklaarbaar kunnen zijn. Nu het taxatierapport een processtuk was geworden heeft de makelaar daarover terecht niet met de strijdende partijen willen corresponderen. Het stond de makelaar niet vrij om van een der strijdende partijen een opdracht tot vaststellen van de economische huurwaarde te aanvaarden nu de opdracht tot taxatie van de rechtbank nog niet was afgerond. In het kader van de lopende echtscheidingsprocedure zouden door de rechtbank immers nog nadere vragen kunnen worden gesteld. De aanvaarding van deze laatste opdracht betekent niet dat de makelaar bij de uitvoering van de eerdere opdracht van de rechtbank niet onafhankelijk is opgetreden. Download uitspraak (pdf) Uitspraak RvT Groningen 9-16

    Lees meer
  • 11-2349 CRvT

    Geen hoger beroep per e-mail Het Reglement Tuchtrechtspraak schrijft voor dat hoger beroep wordt ingesteld door middel van en schriftelijke kennisgeving binnen de beroepstermijn. Appellant is binnen die termijn via een e-mailbericht in beroep gekomen. Nu nergens intern of extern is toegelicht dat een e-mailbericht met een schriftelijke kennisgeving kan worden gelijkgesteld, is eerstgenoemde wijze van berichtgeving niet voldoende. Dat een elektronisch bericht op papier kan worden uitgedraaid, maakt dit niet anders. Er is weliswaar een tendens in de wetgeving om elektronische berichtgeving gelijk te stellen met schriftelijke mededelingen, maar in die gevallen worden extra waarborgen gevergd om onder meer de identiteit van de verzender en/of opsteller vast te stellen, evenals het moment van de verzending. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 11-40 RvT Utrecht

    Onjuist woonoppervlak. Makelaar/verkoperheeft zonder controle het woonoppervlak van 100 m² overgenomen uit een verkoopbrochure van een andere makelaar. De daarin genoemde maatvoering is onjuist: die is zeker 10 % minder. Ook al gold ten tijde van de aankoop door klagers nog niet de thans geldende meetinstructie, dat pleit makelaar-verkoper niet vrij. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 11-06 RvT Groningen

    Onjuiste taxatie. Raad doet zelf onderzoek.In juni 2002 komt de makelaar in zijn taxatierapport op een onderhandse verkoopwaarde van € 476.500 en een executiewaarde van € 431.500. In mei 2010 levert de executoriale verkoop een bedrag van € 280.000 op. De WOZ-waarde bedroeg in 2002 ruim € 190.000. Een door klager (de hypothecair financier) ingeschakelde andere makelaar komt op waardes van € 312.500 verkoopwaarde en € 265.000 executiewaarde per 2002. Nu beklaagde de rapportage van de derde door de bank ingeschakelde makelaar betwist, heeft de raad van toezicht eigenonderzoek gedaan. Daaruit komt naar voren dat de onderhandse verkoopwaarde in 2002 hooguit € 350.000 had mogen bedragen. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 11-03 RvT Groningen

    Onderzoek naar kredietwaardigheid en huurverleden van huurder. Hennepkwekerij in het gehuurde. Tarief klachtonderdeel. Klager verwijt zijn makelaar dat hij onvoldoende onderzoek deed naar de kredietwaardigheid en het huurverleden van de huurder die door de gemachtigde van klager was aangebracht. Klacht ongegrond nu de makelaar erop mocht vertrouwen dat de gemachtigde van klager (diens broer) met de huurder instemde. Het is strijd met een goede procesorde als ter zitting van de raad nieuwe klachtonderdelen worden ingediend. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 11-28 RvT Amsterdam

    Taxatie. Onjuiste taxatiewaarde. Bouwkundige toestand getaxeerd object. In verband met het faillissement van klager heeft beklaagde van de curator opdracht ontvangen de woning van klager te taxeren. Klager verwijt beklaagde de woning te hoog te hebben gewaardeerd. Het rapport van beklaagde zou diverse onjuistheden bevatten en beklaagde zou de bouwkundige en onderhoudstoestand veel te positief hebben beoordeeld. Klager wijst ter ondersteuning van zijn standpunt op de waardering van drie andere makelaars die de woning op klagers verzoek ook hebben geïnspecteerd. De Raad overweegt dat bij de beoordeling van de staat van onderhoud altijd sprake is van een momentopname. In dit geval is er een niet te verwaarlozen tijdsverloop tussen het rapport van beklaagde en de overige rapporten. Daarnaast is de beoordeling van de onderhoudssituatie in de laatstgenoemde rapporten dusdanig algemeen gesteld dat in onvoldoende mate kan worden vastgesteld dat het rapport van beklaagde op dit punt ondeugdelijk is. Wel staat vast dat beklaagde ten onrechte in zijn rapport heeft vermeld dat zijn taxatie ten doel had om inzicht te krijgen in de waarde van de woning t.b.v. de beoordeling van een hypotheekaanvraag. De tegenwerping van beklaagde dat e.e.a. voortvloeit uit het feit dat een standaard formulier werd gebruikt, kan op grond van de zorgvuldigheid niet als verweer worden aanvaard. Gelet op de aard en het gewicht van dit onderdeel van de klacht, kan beklaagde op dit punt echter geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Nu ook verder niet is gebleken dat beklaagde niet in redelijkheid tot zijn waardering heeft kunnen komen, wordt de klacht ongegrond verklaard. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 11-01 RvT Groningen

    Zakenrechtelijke problemen (recht van overgang). Positie verkopende makelaar. Informatieverplichting.Klager is mede-eigenaar van een terrein dat noodzakelijkerwijs bereden moet worden, wil de eigenaar van een te koop staande woning zijn parkeerplaats kunnen bereiken. Hij heeft bezwaar tegen het betreden van het terrein waarop geen recht van overpad is gevestigd. Klager verwijt de verkopend makelaar dat die in zijn aanbieding niet van die situatie melding maakt. De raad van toezicht acht de klacht ongegrond nu is gebleken dat de makelaar, die immers het belang van zijn opdrachtgever heeft te behartigen in overleg met zijn opdrachtgever elke gegadigde op bedoelde situatie wijst. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 10-08 RvT Groningen

    Niet-terugstorten borgsom. Minnelijke regeling ter zitting. Een makelaar trad privé op als verhurende makelaar voor zijn broer, maar de correspondentie liep wel via zijn kantoor. Op de suggestie van de voorzitter van de raad zijn partijen ter zitting tot een vergelijk gekomen. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 10-2366 CRvT

    Onjuiste samenstelling raad van toezicht. Oud en nieuw Reglement Tuchtrechtspraak. Onjuiste doorberekening extra werkzaamheden inzake advertenties. De Centrale Raad stelt vast dat de samenstelling van de raad van toezicht ter zitting weliswaar in overeenstemming was met het reglement zoals dat sinds 1 januari 2010 geldt, maar niet strookt met het reglement dat gold ten tijde van het indienen van de klacht. En dat laatste is leidend. Om die reden moet de uitspraak van de raad van toezicht vernietigd worden. De Centrale Raad doet de klacht zelf af nu daartegen geen bezwaar is geuit. Tussen partijen was een budget voor door de makelaar te maken kosten overeengekomen. Nu niets was afgesproken over bemoeienissen van de makelaar verbonden aan het verzorgen van publiciteit ten behoeve van de verhuur noch dit bij het verzenden van de betreffende factuur kenbaar was gemaakt, handelde de makelaar onjuist door zonder meer extra kosten in rekening te brengen. Voor de strafmaat is van belang dat de opdrachtgever zich ineens in zijn functie als advocaat nogal dreigend uitliet en pas nadat over een andere zaak door de makelaar een incassoprocedure was gestart, terugkwam op de extra kosten. Download uitspraak (pdf)

    Lees meer
  • 10-2276 II CRvT

    Taxatie door deskundige opverzoek van tuchtcollege. Wraking van taxateur. In het kader van een klachtprocedure over een taxatie heeft de Centrale Raad een deskundigenbericht gelast. Klaagster heeft deze deskundige (een NVM makelaar) gewraakt omdat diens waardering uitkwam tussen de waarde die een derde taxateur bepaalde en de waardering die beklaagde deed. De centrale Raad is van oordeel dat een deskundige niet gewraakt kan worden nog afgezien van het feit dat klaagster zulks pas ter zitting deed en niet terstond na diens benoeming. De deskundige heeft zijn waardering van € 105.000 onderhandse verkoopwaarde goed onderbouwd. Mede daardoor stelt het college vast dat beklaagde redelijkerwijs tot zijn waardering van € 100.000 kon komen. Download uitspraak (pdf) Uitspraak Centrale Raad 10-2276 I

    Lees meer